
Wat verdien je in loondienst?
Het cao-uurloon per functiegroep en per leeftijd, per 1 juli 2026. Met wat er bovenop komt, en met wat er niet bovenop komt.
€ 2.800 tot € 3.400
bruto per maand voor een zelfstandig werkend kok bij een voltijdweek, de functie die we het vaakst invullen.
| Functie | Bruto per maand |
|---|---|
| Zelfstandig werkend kok | € 2.800 tot € 3.400 |
| Sous-chef | € 3.000 tot € 3.700 |
| Chef-kok | € 3.500 tot € 5.000 |
| Basiskok | € 2.600 tot € 2.900 |
| Sushi-chef | € 2.600 tot € 3.500 |
| Pizzaiolo | € 2.600 tot € 3.300 |
Wat Work Division per functie betaalt, bruto per maand bij een voltijdweek. Stand 16 september 2026.
Het vangnet daaronder is de cao: minimaal € 17,91 per gewerkt uur, het basisuurloon van € 14,99 plus 19,49 procent vakantiegeld en vakantie-uren, voor een vakkracht van 20 jaar of ouder in functiegroep I tot en met IV. Wat de cao per functiegroep en leeftijd voorschrijft staat hieronder; reiskosten en de feestdagencompensatie zitten daar niet in. Bron: de Horeca-cao loontabel per 1 juli 2026 van Koninklijke Horeca Nederland.
Je loon hangt aan je functiegroep
Niet aan je functietitel. De horeca-cao noemt geen enkele functienaam: je werkgever schrijft op wat je taken en verantwoordelijkheden zijn, vergelijkt dat met de referentiefuncties uit het Handboek Referentiefuncties Horeca en deelt je op grond daarvan in een van de elf functiegroepen in. Dat staat in artikel 4.1, en datzelfde artikel verplicht hem om je de groep mee te delen en hem in je arbeidsovereenkomst te zetten.
Ben je vakkracht en 20 jaar of ouder, dan krijg je volgens artikel 4.7 ten minste het basisloon van de groep waarin je bent ingedeeld. Dit zijn die basislonen per 1 juli 2026, met ernaast wat een gewerkt uur oplevert als je vakantiegeld en vakantie-uren er direct bij krijgt.
| Functiegroep | Basisuurloon | Per gewerkt uur |
|---|---|---|
| I en II | € 14,99 | € 17,91 |
| III | € 14,99 | € 17,91 |
| IV | € 14,99 | € 17,91 |
| V | € 15,21 | € 18,17 |
| VI | € 16,07 | € 19,20 |
| VII | € 17,61 | € 21,04 |
| VIII | € 19,29 | € 23,05 |
| IX | € 21,02 | € 25,12 |
| X | € 22,91 | € 27,38 |
| XI | € 24,98 | € 29,85 |
Dat de onderste drie groepen alle drie op € 14,99 staan is geen typefout. Artikel 4.7 lid 5 heeft het basisloon van de samengevoegde groep I en II gelijkgesteld aan het wettelijk minimumloon, en dat heeft de onderkant van de tabel opgetrokken tot tegen groep IV aan. Je indeling bepaalt daar vooral je groeiruimte, want de eindlonen lopen wel uiteen.
Zo controleer je je eigen indeling, en zo maak je er bezwaar tegen →
Ben je nog geen vakkracht, dan telt je leeftijd
Vakkracht is een cao-begrip en geen compliment. Volgens artikel 1.6 ben je het als je 18 jaar of ouder bent en een erkend vakdiploma voor je functie hebt, of als je 1.976 aantoonbare ervaringsuren in die functie hebt opgebouwd op of na je achttiende verjaardag. Wie in groep V of hoger is ingedeeld, is altijd vakkracht.
Ben je dat nog niet, dan word je niet in een functiegroep ingedeeld. Dan geldt artikel 4.9: een percentage van het basisloon van groep I en II, gekoppeld aan je leeftijd. Dat percentage gaat in op de dag dat je jarig bent, niet aan het begin van de maand erna.
| Leeftijd | Percentage | Per uur | Per gewerkt uur |
|---|---|---|---|
| 21 jaar en ouder | 100 procent | € 14,99 | € 17,91 |
| 20 jaar | 85 procent | € 12,74 | € 15,22 |
| 19 jaar | 75 procent | € 11,24 | € 13,43 |
| 18 jaar | 65 procent | € 9,74 | € 11,64 |
| 17 jaar | 55 procent | € 8,24 | € 9,85 |
| 16 jaar | 45 procent | € 6,75 | € 8,07 |
| 15 jaar | 35 procent | € 5,25 | € 6,27 |
Ben je wél vakkracht maar nog geen 20, dan rekent artikel 4.8 met een eigen, gunstigere staffel, en die rekent over het basisloon van jouw eigen functiegroep. In groep I tot en met IV komt dat hierop neer: € 11,99 op je achttiende (80 procent), € 13,49 op je negentiende (90 procent) en vanaf je twintigste het volle bedrag. Zit je hoger in de tabel, dan rekent diezelfde staffel over dat hogere bedrag.
De twee routes naar vakkracht, en waarom je uren van voor je achttiende niet meetellen →
Wat er bovenop je uurloon komt
Vakantiegeld en vakantie-uren, samen 19,49 procent van je uurloon. Dat is geen afgerond gebaar maar de optelsom van twee cao-regels: artikel 4.17 geeft je 8 procent vakantiebijslag en artikel 3.17 laat je per gewerkt uur 0,096 uur vakantie opbouwen, bij voltijd 25 vakantiedagen per jaar. Betaalt je werkgever die twee tegelijk met je loon uit, dan schrijft artikel 3.23 lid 2 voor wat dat per uur is: 10,64 procent voor de vakantie-uren en 8,85 procent voor de vakantiebijslag.
Zo betalen wij ze ook uit: elke week, bij je loon, in plaats van één keer per jaar. Je krijgt dus geen aparte nabetaling in mei, want je hebt het al gehad.
Daarnaast is er één toeslag die er op een specifieke dag bij komt. Werk je een dienst die begint op een van de negen cao-feestdagen uit artikel 3.11, dan telt die hele dienst mee, ook als hij na 24.00 uur doorloopt. Artikel 3.12 geeft je die uren eerst terug als betaalde vrije tijd en pas na drie maanden 50 procent toeslag. Bij ons wacht je daar niet op: wij betalen de 50 procent altijd uit.
Wat er verder bij hoort en niet in je uurloon zit: reiskostenvergoeding, en pensioenopbouw bij Pensioenfonds Horeca & Catering, hetzelfde fonds als waar vast horecapersoneel onder valt.
Wat er niet bovenop komt
Dit is het punt waar de meeste mensen zich op verkijken, dus hier staat het onomwonden: de horeca-cao kent geen avondtoeslag, geen nachttoeslag en geen weekendtoeslag. Een zaterdag om vier uur 's nachts betaalt hetzelfde als een dinsdag om twee uur 's middags. De enige uitzondering is artikel 4.13, tien procent over de hele nachtdienst voor front office in hotels, en dat is een functie die wij niet plaatsen.
Overwerk is geen toeslag maar tijd. De artikelen 3.13 en 3.14 geven je voor elk overwerkuur één uur betaalde vrije tijd, en kan dat niet binnen drie maanden, dan worden die uren uitbetaald tegen 100 procent van je uurloon. Er gaat dus geen percentage overheen. En overwerk begint later dan je denkt: artikel 1.23 rekent met een referteperiode van 1.976 uur over twaalf maanden, gemiddeld 38 uur per week, dus een drukke week wordt pas overwerk als het jaar erop uitkomt.
Wil je je maandloon naast deze tabel leggen, deel het dan door 164,67. Dat is de omrekening uit artikel 1.22, en het is niets anders dan die 1.976 jaaruren gedeeld door twaalf maanden.
Waarom overwerk in de horeca per jaar telt en niet per week →
Dit is de bodem, niet het bod
Alles hierboven is het minimum dat de cao voorschrijft. Je werkgever mag een eigen loontabel hanteren zolang die niet lager uitkomt, en in de keuken gebeurt dat ook: wat een kok bij ons verdient wordt bepaald door zijn niveau, en dat ligt boven deze bodem. Wat er in een concrete dienst tegenover staat, staat bij die dienst.
Bedragen uit de Horeca-cao loontabel per 1 juli 2026 van Koninklijke Horeca Nederland. Artikelnummers verwijzen naar de Horeca-cao 2025-2026. Alle bedragen zijn bruto. De loontabel zelf.
Zien wat er nu openstaat?
Bij elke dienst staat vooraf het uurloon, de plaats en de tijden. Je bevestigt zelf welke je aanneemt.
