In welke functiegroep val je, en wat je doet als dat niet klopt
Ongeveer 5 minuten lezen

Je uurloon hangt niet aan je functietitel maar aan je functiegroep, en die groep kiest je werkgever. De horeca-cao kent er elf, I tot en met XI, waarvan I en II in de loontabel zijn samengevoegd. Tussen de onderste en de bovenste zit per 1 juli 2026 tien euro per uur: 14,99 tegenover 24,98. Hoe je aan jouw groep komt staat in artikel 4.1 van de cao, en wat je doet als je het er niet mee eens bent in artikel 4.2.
Je functietitel zegt niets, je functiegroep alles
Artikel 1.18 omschrijft de functiegroep als de loongroep waarin je bedrijfsfunctie door je werkgever is ingedeeld, en artikel 1.19 omschrijft die functie als het totaal van taken en verantwoordelijkheden dat aan jou is opgedragen. Wat er op je visitekaartje of in de vacature stond, komt daar niet in voor. Dat is geen slordigheid: in de 82 pagina's van de horeca-cao staat geen enkele functienaam.
Kok, gastheer, barmedewerker en runner komen er letterlijk niet in voor. De indeling gaat over de inhoud van je werk, niet over hoe jouw zaak je noemt. Per 1 juli 2026 hoort bij de groepen dit basisuurloon voor wie vakkracht en vakvolwassen is: 14,99 euro voor I en II, III en IV, 15,21 voor V, 16,07 voor VI, 17,61 voor VII, 19,29 voor VIII, 21,02 voor IX, 22,91 voor X en 24,98 voor XI.
Hoe je werkgever tot die groep komt
Artikel 4.1 schrijft vier stappen voor. Je werkgever stelt eerst een bedrijfsfunctie vast door op te schrijven wat je belangrijkste taken en verantwoordelijkheden zijn. Die bedrijfsfunctie vergelijkt hij vervolgens met de referentiefuncties uit het Handboek Referentiefuncties Horeca, dat via referentiefunctieshoreca.nl te raadplegen is en waar bijlage V van de cao naar verwijst. Daarna deelt hij je in, en lid 4 legt de verantwoordelijkheid voor een juiste indeling uitdrukkelijk bij hem.
Lid 5 voegt er twee verplichtingen aan toe die veel mensen niet kennen: hij moet je meedelen in welke functiegroep je bent ingedeeld en met welke referentiefuncties je bedrijfsfunctie is vergeleken, en de functiegroep moet in je schriftelijke arbeidsovereenkomst staan. Ben je nog geen vakkracht, dan word je volgens lid 6 niet op deze manier ingedeeld; dan geldt de leeftijdsstaffel van artikel 4.9.
Wat een referentiefunctie is, met de kok als voorbeeld
Een referentiefunctie is een uitgeschreven voorbeeldfunctie waar jouw eigen functie tegenaan wordt gehouden. Het handboek kent er twee voor de zelfstandig werkend kok. Zelfstandig werkend kok I valt in groep 5 en geldt daar als de referentie, Zelfstandig werkend kok II valt in groep 6. Het opvallende is dat het werk zelf niet verschilt: bij de aard van de werkzaamheden staat bij II letterlijk dat het gelijk is aan I.
Het verschil zit in de zelfstandigheid. Kok I heeft een vakinhoudelijk leidinggevende boven zich; kok II heeft die niet, of die bemoeit zich niet met de leveranciers, de bereidingswijze en de samenstelling van de kaart. Daarnaast vraagt I een mbo 3 werk- en denkniveau en II mbo 3 tot 4 plus een aantal jaren ervaring als zelfstandig werkend kok.
In geld is dat verschil 140,43 euro bruto per maand: het basisloon van groep V is 2.505,04 euro en dat van groep VI 2.645,47 euro. En er zit nog iets aan vast: artikel 1.6 bepaalt dat wie in groep V of hoger is ingedeeld, altijd vakkracht is.
Waarom de onderste drie groepen hetzelfde betalen
Kijk je naar de loontabel per 1 juli 2026, dan valt op dat het basisuurloon van groep I en II, groep III en groep IV alle drie op 14,99 euro staat. Pas bij groep V loopt het uiteen. Dat komt door artikel 4.7 lid 5: het basisloon van de samengevoegde groep I en II is gelijkgesteld aan het wettelijk minimumloon en volgt de verhogingen daarvan, en dat heeft de onderkant van de tabel opgetrokken tot tegen groep IV aan.
Je groep doet er aan de onderkant dus even niet toe, maar aan de bovenkant des te meer, want het eindloon loopt wel op: 2.568,07 euro per maand bij groep I en II, 2.582,71 bij III, 2.778,00 bij IV en 3.032,79 bij V. Tussen groep IV en V zit aan de bovenkant 254,79 euro per maand en aan de onderkant niets.
Je indeling bepaalt dus vooral je groeiruimte. Let er wel op dat de periodieken in de tabel sinds 1 januari 2025 richtinggevend zijn en niet verplicht, en dat je werkgever volgens artikel 4.7 lid 3 een eigen loontabel mag hanteren zolang de basis- en eindlonen niet lager liggen dan die van de cao.
Wat je zelf kunt controleren
Begin bij je arbeidsovereenkomst: staat je functiegroep erin, zoals artikel 4.1 lid 5 voorschrijft? Zo niet, dan ontbreekt er iets wat erin hoort. Vraag daarna op met welke referentiefuncties je functie is vergeleken, ook dat is een recht uit datzelfde lid, en lees die functies na op referentiefunctieshoreca.nl. Herken je je werk er niet in, dan heb je een concreet aanknopingspunt in plaats van een gevoel.
Wil je je maandloon vergelijken met de loontabel, deel het dan door 164,67: dat is de omrekening uit artikel 1.22, en het is niets anders dan de 1.976 jaaruren uit artikel 1.23 gedeeld door twaalf maanden. Werk je meer of minder dan die 1.976 uur, dan geldt volgens artikel 4.10 een bedrag naar rato. En nog iets: is je indeling per 1 januari 2025 gewijzigd door de geactualiseerde referentiefuncties en val je daardoor lager uit, dan behoud je op grond van artikel 4.1 lid 8 je oude, hogere groep zolang je dezelfde functie hebt of tot je contract afloopt.
Ben je het er niet mee eens
Artikel 4.2 geeft je een route met vaste termijnen. Je begint in overleg met je leidinggevende, of met je werkgever zelf als je geen leidinggevende hebt, en daar staat maximaal 30 dagen voor. Komen jullie er niet uit, dan kun je beroep indienen bij de interne geschillencommissie als je werkgever die heeft. Die adviseert binnen 30 dagen en je werkgever neemt daarna binnen 14 dagen een besluit.
Kun je je in dat besluit niet vinden, of heeft je werkgever helemaal geen interne commissie, dan staat de Beroepscommissie Functie-indeling Horeca voor je open. Die wordt uitgevoerd door het Horeca Ontwikkel Platform en haar reglement is gepubliceerd in de Staatscourant van 30 september 2024, nummer 29025. Tel je de termijnen bij elkaar op, dan zit er ruim twee maanden tussen je eerste gesprek en de externe commissie.
Dat is lang, maar het is wel een route die eindigt bij een partij buiten je eigen zaak.
Veelgestelde vragen
Waar vind ik in welke functiegroep ik val?
In je schriftelijke arbeidsovereenkomst. Artikel 4.1 lid 5 van de horeca-cao verplicht je werkgever om de functiegroep daarin te vermelden en je te vertellen met welke referentiefuncties je functie is vergeleken. Staat hij er niet, vraag er dan om.
In welke functiegroep valt een zelfstandig werkend kok?
Het Handboek Referentiefuncties Horeca plaatst Zelfstandig werkend kok I in groep 5 en Zelfstandig werkend kok II in groep 6. Het verschil is de zelfstandigheid: bij I is er een vakinhoudelijk leidinggevende, bij II niet. De cao zelf noemt geen enkele functienaam, dus je werkgever deelt jouw bedrijfsfunctie in door hem met die referentiefuncties te vergelijken.
Wat doe ik als ik het niet eens ben met mijn indeling?
Artikel 4.2 geeft je een route. Eerst maximaal 30 dagen overleg met je leidinggevende, dan de interne geschillencommissie die binnen 30 dagen adviseert waarna je werkgever binnen 14 dagen beslist, en daarna de Beroepscommissie Functie-indeling Horeca. Heeft je werkgever geen interne commissie, dan kun je meteen naar die beroepscommissie.


