Arbeidsongeschikt als kok: wat er dan gebeurt, en wat een AOV doet
Ongeveer 5 minuten lezen
Een kok verdient met zijn lichaam. Je staat een hele dienst, je tilt, je snijdt en je werkt met hitte. De uitval die je in de praktijk ziet is zelden spectaculair: geen dramatische snijwond maar een rug, een schouder of een knie die na jaren niet meer meewerkt. In loondienst heb je daar een vangnet voor dat in de horeca-cao staat uitgeschreven. Als zelfstandige heb je precies wat je zelf hebt geregeld, en niets meer.
Wat een collega in loondienst krijgt
De eerste ziektedag is een wachtdag en wordt niet betaald (artikel 7.1). Die geldt per ziektegeval, dus meld je je binnen vier weken na herstel opnieuw ziek met dezelfde klacht, dan telt hij niet nog een keer; bij een bedrijfsongeval of bij agressie vervalt hij helemaal. Vanaf de tweede dag geldt de wettelijke doorbetaling van 70 procent, die de horeca-cao aanvult tot 95 procent van het loon in het eerste ziektejaar en 75 procent in het tweede (artikel 7.2).
Twee jaar lang, met een werkgever die verplicht is mee te werken aan herstel en re-integratie. Dat is het vangnet waar je uitstapt op het moment dat je zelfstandige wordt.
Wat er voor jou voor in de plaats komt
Niets, tenzij je het zelf regelt. Er is geen wachtdag, want er is geen dag die wordt doorbetaald. Je opdrachtgever heeft geen loondoorbetalingsplicht en geen re-integratieplicht, en je bemiddelaar ook niet. Je vaste lasten lopen door: je huur of hypotheek, je zorgverzekering, je AVB, je boekhoudpakket en de leasekosten van je auto als je die hebt.
Wat er stopt is alleen de kant waar het geld vandaan komt. Dat is ook waarom uitval als zelfstandige zo zelden op tijd wordt opgemerkt: de meeste koks werken nog een tijd door met iets wat pijn doet, en dat maakt het uiteindelijk langer.
Wat een AOV doet, en waar de premie van afhangt
Een arbeidsongeschiktheidsverzekering keert een bedrag per maand uit zodra je door ziekte of een ongeval niet meer kunt werken. Vier dingen bepalen wat je betaalt. Je wachttijd: de periode die je zelf overbrugt voordat de uitkering begint, vaak te kiezen tussen enkele weken en een jaar, en dit is de knop die de premie het sterkst beweegt.
Het verzekerde bedrag, meestal een percentage van je gebruikelijke inkomen. Je leeftijd en je gezondheid bij het afsluiten. En je beroep, want keukenwerk telt als fysiek zwaar. Vraag een offerte op voor je eigen situatie in plaats van af te gaan op een gemiddelde: bij deze verzekering verschillen twee koks van dezelfde leeftijd meer dan je zou verwachten. De premie is aftrekbaar van je winst.
De verplichte verzekering die er nog niet is
Er ligt een wetsvoorstel voor een basisverzekering arbeidsongeschiktheid zelfstandigen, wetsvoorstel 36912, ingediend in maart 2026. Zoals het er nu ligt keert die 70 procent van je laatstverdiende inkomen uit met een plafond op 100 procent van het minimumloon, na een wachttijd van twee jaar, tegen een premie van 5,4 procent van je winst met een maximum rond de 171 euro bruto per maand.
Let op drie dingen. Het voorstel ligt nog in de Tweede Kamer en moet daarna nog langs de Eerste Kamer. De overheid noemt zelf geen ingangsdatum, dus schrijf niemand een jaartal voor; wat er wel staat is dat het niet voor 2030 geregeld zal zijn. En de premie en het percentage kunnen nog veranderen. Voor je eigen planning betekent dat: reken er niet op.
Als je geen AOV neemt, neem dan een besluit
Een AOV is geen wettelijke plicht en niet iedereen sluit er een. Wat wel telt is dat je het een keer bewust afweegt in plaats van het vooruit te schuiven. De alternatieven die koks in de praktijk gebruiken zijn een broodfonds of schenkkring, waarbij een groep zelfstandigen elkaar bij ziekte een periode ondersteunt, en gewoon zelf reserveren.
Allebei dekken ze kortdurende uitval redelijk en langdurige arbeidsongeschiktheid niet, want daar is geen spaarpot tegen bestand. Kies je voor zelf reserveren, zet dan een bedrag per gewerkt uur apart en boek dat weg van je betaalrekening, net als je btw.
Wat dit met je uurtarief te maken heeft
Alles. De premie van je AOV is meestal de grootste vaste maandpost van je onderneming, groter dan je AVB en je boekhouding bij elkaar. Die hoort in je uurtarief verwerkt te zijn en niet in wat er aan het eind van de maand toevallig overblijft. Deel je jaarpremie door het aantal uren dat je realistisch factureert, en je weet wat deze verzekering je per uur kost. Bij 1.800 declarabele uren is elke 1.800 euro premie precies één euro per uur.
Veelgestelde vragen
Is een AOV verplicht voor zzp'ers?
Nee. Er ligt een wetsvoorstel voor een verplichte basisverzekering (36912), maar dat is nog niet aangenomen en de overheid noemt geen ingangsdatum. Reken er niet op dat het voor 2030 geregeld is.
Word ik doorbetaald als ik ziek word tijdens een opdracht?
Nee. Als zelfstandige factureer je gewerkte uren, dus uren die je niet draait worden niet betaald. Dat loopt via je eigen arbeidsongeschiktheidsverzekering, niet via je opdrachtgever of je bemiddelaar.
Wat is de goedkoopste manier om een AOV te verzekeren?
Een langere wachttijd drukt de premie het sterkst: hoe langer je zelf overbrugt, hoe lager het bedrag per maand. Dat werkt alleen als je die periode ook echt kunt overbruggen, dus kies de wachttijd op je spaargeld en niet op de premie.
Is de premie van mijn AOV aftrekbaar?
Ja, de premie is aftrekbaar. Daar staat tegenover dat een uitkering te zijner tijd belast is.

